leefbewuster
Een beetje voorbereid. Een stuk geruster.
Home / Artikelen

Stroomstoring in Raamsdonksveer en Waspik: zo help je buren die alleen wonen

In het kort

In Raamsdonk, Raamsdonksveer en Waspik ging afgelopen nacht de stroom uit. Volgens BN DeStem, dat zich baseert op gegevens van netbeheerder Enexis, begon de storing rond half twee en raakte die maximaal honderd huishoudens rond de Maasdijk. Om 03.03 uur meldde Enexis dat het probleem was opgelost. Ruim anderhalf uur dus, en de meeste mensen zullen er weinig van hebben gemerkt.

Inhoudsopgave
Hand met zaklamp bij een voordeur in een donkere straat
Foto: Bruno Guerrero via Unsplash

Toch is zo’n storing een goede aanleiding om iets te regelen wat bijna niemand regelt. Wat doe je als je wakker wordt, het donker is en je weet dat de oudere buurvrouw verderop alleen woont?

Waarom ’s nachts het lastigste moment is

Overdag is helpen makkelijk. Je ziet elkaar op straat, je belt even aan en je vraagt of alles goed is. ’s Nachts ligt dat anders. Niemand wil om twee uur aanbellen bij iemand die gewoon ligt te slapen, en de meeste storingen zijn voorbij voordat je er goed over hebt nagedacht. Dus doe je niets.

Meestal is dat ook prima. Bij een storing van anderhalf uur in oktober blijft het huis warm genoeg en houden koelkast en vriezer het dicht ook wel uit. Maar de keer dat het langer duurt, of iemand afhankelijk is van een apparaat, wil je niet gokken. Het verschil maak je niet die nacht, maar een keer overdag met een kop koffie.

Spreek een drempel af

Denk Vooruit, de voorlichtingscampagne van de overheid, adviseert in het stuk over langdurige stroomuitval om langs te gaan bij buren die misschien hulp nodig hebben, bijvoorbeeld met praktische zaken of een powerbank voor hun telefoon. Dat is een goed advies, maar het zegt niet wanneer. Daarom helpt het om samen een drempel af te spreken. Bijvoorbeeld zo.

  • Is de stroom ’s nachts kort weg, dan gebeurt er niets en kijk je ’s ochtends even.
  • Duurt het langer dan een paar uur, of is het koud, dan ga je langs zodra het licht is.
  • Gebruikt je buur een apparaat dat stroom nodig heeft, zoals zuurstof, een hoog-laagbed of een pomp, dan ga je meteen. Ook ’s nachts.

Die laatste groep verdient aparte aandacht. Wat je regelt als iemand afhankelijk is van zorgapparatuur, beschreven we in als iemand in huis afhangt van zorgapparatuur.

Een teken in plaats van aanbellen

Een eenvoudig teken haalt de gêne weg. Spreek af dat je buur een zaklamp of batterijlampje achter het raam zet als hij of zij hulp wil, of juist een briefje in de brievenbus doet als alles in orde is. Zo hoef je niemand wakker te maken om te ontdekken dat er niets aan de hand was. Wie een telefoon heeft die nog werkt, kan ook gewoon een berichtje sturen, maar reken daar niet op als de storing langer duurt en het mobiele netwerk het zwaar krijgt.

Leg het teken vast in een kort lijstje dat jullie allebei hebben. Wie kijkt bij wie, welk nummer is van een familielid, en waar ligt de reservesleutel. Dat lijkt overdreven voor een storing van anderhalf uur, maar het is hetzelfde lijstje dat je nodig hebt bij een val, een brand of een dag zonder water.

Wat je meeneemt als je langsgaat

Ga je wel, neem dan een zaklamp of hoofdlamp mee en een opgeladen powerbank. Bij oudere buren is het donker zelf vaak het grootste risico. Een val in een trapgat waar normaal licht brandt, is snel gebeurd. In vallen voorkomen in het donker staan eenvoudige lampjes die je bij een buur kunt achterlaten.

Vraag ook of de buur weet hoe je een storing meldt of nakijkt. Het landelijke storingsnummer is 0800-9009, en Denk Vooruit benadrukt dat je bij een stroomstoring zonder acute nood geen 112 belt. Hoe je ziet hoe lang een storing gaat duren, lees je in hoe je checkt hoe lang het duurt.

Begin met één gesprek

Op de pagina Praat erover geeft Denk Vooruit een paar vragen om het gesprek te beginnen, zoals wie er in de omgeving extra hulp nodig heeft en wat je nu al samen kunt afspreken. Een korte storing zoals die bij de Maasdijk is een prima aanleiding. Je hoeft niet de hele straat te organiseren. Eén afspraak met één buur die alleen woont, is al meer dan de meeste straten hebben. Hoe je dat verder uitbreidt naar je gezin en de rest van de buurt, staat in een noodplan met je gezin en buren.