leefbewuster
Een beetje voorbereid. Een stuk geruster.
Home / Artikelen

Supermarkten bereiden zich voor op crises: wat jij dan zelf nog in huis haalt

In het kort

De hack bij Albert Heijn heeft iets in beweging gezet. De NOS beschreef vrijdag hoe supermarkten en overheid zich voorbereiden op een volgende verstoring, of dat nu een stroomuitval is, een storing in de systemen of een nieuwe hack. Het kabinet legt volgens staatssecretaris Erkens de laatste hand aan een Landelijk Crisisplan Voedselzekerheid. Supermarktkoepel CBL wil een analoge achtervang voor als de computers het niet doen.

Inhoudsopgave
Gangpad in een supermarkt met schappen vol houdbare producten
Foto: Fikri Rasyid via Unsplash

Dat klinkt geruststellend, en voor een deel is het dat ook. Maar wie goed leest, ziet dat zo’n plan over iets anders gaat dan over jouw keukenkastje in de eerste dagen. Juist dat verschil bepaalt wat je zelf in huis haalt.

Wat de supermarkten en de overheid regelen

Het crisisplan gaat over voedselzekerheid voor het land. Er moet genoeg eten zijn en het moet bij de mensen kunnen komen, ook als systemen uitvallen. Erkens zei tegen de NOS dat er noodvoorraden nodig zijn voor wat echt essentieel is, en maakte meteen duidelijk wat daar niet onder valt. “Het is geen grote nationale ramp als kiwi’s niet geleverd kunnen worden.”

CBL-directeur Marc Janssen waarschuwde dat noodvoorraden niet zomaar in de bestaande distributiecentra passen. Hij stelt voor dat de overheid loodsen koopt of bouwt en vult met de juiste producten. Daarnaast wil de branche een tweede, meer analoge manier om eten te verdelen, zodat niet alles stilvalt als de computers het niet doen.

Ook in de winkels zelf wordt gewerkt aan draaiboeken. Bij een eerdere ronde, begin 2025, ging het al om zogeheten noodscripts om winkels zo lang mogelijk open te houden. De EO schreef toen dat veel kleine winkels zulke investeringen niet zelf kunnen betalen, zoals een noodaggregaat.

Wat dat plan niet voor je oplost

Hier zit de kern. Een nationaal plan zorgt dat er na een paar dagen weer eten in de schappen komt, en dat het belangrijkste niet opraakt. Het zorgt er niet voor dat jouw supermarkt in de eerste uren van een stroomuitval open is, dat je kunt pinnen, of dat precies het product dat jij nodig hebt er ligt.

Drie dingen vallen daarbij op.

De winkel om de hoek is het kwetsbaarst. Een grote keten kan aggregaten en alternatieve betaalmethoden in een draaiboek zetten. Een kleine zelfstandige supermarkt kan dat volgens dat EO-stuk lang niet altijd. Valt in je wijk de stroom uit, dan is de kans groot dat juist die winkel dicht is.

Vers is het eerst weg. Bij Albert Heijn verdwenen groente en zuivel als eerste uit de schappen, zoals we beschreven in ons stuk over de lege schappen na de cyberaanval. Dat ligt aan de keten zelf. Wat kort houdbaar is, ligt kort op voorraad en is na een hapering snel op.

Essentieel betekent voor een land iets anders dan voor jou. Brood, rijst en houdbare zuivel zitten in elk crisisplan. Glutenvrij brood, een bepaald merk babyvoeding, dieetvoeding of het voer van je hond niet. Dat is geen verwijt aan de planners. Een land kan niet voor elk huishouden de eigen boodschappenlijst bewaren.

Wat je zelf in huis haalt

Daarmee wordt duidelijk waar je eigen voorraad voor dient. Niet om de supermarkt na te bouwen, maar om de eerste dagen te overbruggen en de gaten te vullen die geen nationaal plan dicht. Wij zouden kijken naar de spullen die in huis op één persoon of één dier zijn afgestemd.

  • Voeding die niet zomaar te vervangen is, zoals dieetvoeding, glutenvrij of lactosevrij eten en babyvoeding
  • Medicijnen voor een paar extra dagen, met de afspraken uit ons stuk over medicijnen in je noodvoorraad
  • Voer en water voor je huisdieren
  • Contant geld, omdat een winkel die op een aggregaat draait niet altijd kan pinnen
  • Eten dat je zonder koken en zonder koelkast kunt eten

Voor de gewone basis, zoals water en houdbaar eten, gelden de bekende adviezen. Hoeveel en wat precies, staat in ons stuk over eten voor je noodvoorraad. Onderzoeker Pieter Zwaan van Clingendael en de Erasmus Universiteit zegt in het NOS-stuk dat acht dagen beter is dan drie. Waarom hij dat vindt, zetten we op een rij in ons eerdere stuk over acht dagen noodvoorraad.

Het beste nieuws uit de NOS-reconstructie is misschien dat de voedselzekerheid bij Albert Heijn geen moment in gevaar was, terwijl de schappen er toch leeg uitzagen. Dat is precies het moment waarop een kleine voorraad thuis het verschil maakt tussen rustig afwachten en in de rij staan voor de laatste pakken melk.