leefbewuster
Een beetje voorbereid. Een stuk geruster.
Home / Artikelen

Blusdeken of brandblusser in huis: welke je waar neerlegt

In het kort

Bijna iedereen heeft een rookmelder aan het plafond, maar veel minder mensen hebben iets in huis om een beginnend brandje zelf uit te maken. En wie wel iets heeft, kocht vaak een kleine blusser of een blusdeken zonder te weten waar die eigenlijk voor dient. Dat is jammer, want juist de keuze tussen een blusdeken en een brandblusser hangt af van het soort brand dat je verwacht, en dus van de plek in huis.

Inhoudsopgave
Rode brandblusser en blusdeken aan de muur in een keuken
Foto: Tak Kei Wong via Unsplash

De Brandweer zet op haar pagina over het juiste blusmiddel helder op een rij wat elk middel kan en waar het tekortschiet. Hieronder staan de drie typen die voor een gewoon huishouden het meest voor de hand liggen naast elkaar, met per ruimte wat je waar neerlegt. Eén ding vooraf, want de Brandweer zegt het zelf ook. Je eigen veiligheid gaat voor. Blus alleen als je zonder gevaar weg kunt komen, en bel bij twijfel meteen 112.

De blusdeken, voor een klein brandje en voor brandende kleding

Een blusdeken is een vel brandwerend weefsel dat je met twee lussen uit een houder trekt. Volgens de Brandweer is hij geschikt voor een brandje ter grootte van ongeveer een voetbal, en voor het doven van vlammen als iemands kleding vlam heeft gevat. Je legt de deken eroverheen, de vlammen krijgen geen zuurstof meer en doven.

Wat veel mensen niet weten, is dat de Brandweer een blusdeken juist afraadt bij een vlam in de pan. Niet elke deken is geschikt voor olie en vet, een ongeschikte deken kan zelf vlam vatten, en door het formaat kan de pan van de kookplaat schuiven of struikel je over de deken als die op de grond hangt. Bij een vlam in de pan schuif je een deksel, bakplaat of stevig dienblad op de pan en laat je die dicht tot alles is afgekoeld. Op de pagina over vlam in de pan legt de Brandweer uit waarom water dan levensgevaarlijk is.

Koop je toch een blusdeken, let dan op de norm NEN-EN 1869 en kies een maat van 1,80 bij 1,80 meter. Dat is het formaat dat de Brandweer noemt, omdat je daar een volwassene goed in kunt wikkelen. Een kleinere deken is daar simpelweg te krap voor.

De schuimblusser, de allrounder voor in huis

Een sproeischuimblusser of schuimblusser is volgens de Brandweer thuis prima geschikt voor kleine branden van vaste stoffen en vloeistoffen. Denk aan een prullenbak, een gordijn, een bank of een gemorste brandbare vloeistof. Schuim geeft weinig nevenschade, is eenvoudig te bedienen en spuit langer dan een poederblusser. Voor de meeste huishoudens is dit daarom het type waarmee je begint.

De Brandweer adviseert een blusser van 6 liter of 6 kilo, omdat je daarmee een serieuze bluspoging kunt doen. Een blusser van 1 liter of 1 kilo is volgens haar zo leeg. Dat sluit aan bij wat je in de praktijk merkt, want een brandje dat je met een paar seconden spuiten niet onder controle hebt, wordt snel groter dan je aankunt.

De kooldioxideblusser en de poederblusser, voor een specifieke plek

Een kooldioxideblusser (CO2) herken je aan de zwarte koker aan het eind van de slang. Hij laat geen resten achter en is daarom geschikt voor elektrische apparatuur, zoals een meterkast, een computerhoek of een werkplek met opladers. Houd hem aan het handvat vast, want de koker wordt volgens de Brandweer rond min 80 graden koud. In een kleine ruimte is er verstikkingsgevaar, omdat CO2 de zuurstof verdrijft.

Een poederblusser is geschikt voor de meeste branden in woningen en ook voor auto’s, caravans en boten. Het nadeel zit in wat erna komt. Het poeder tast elektronica en ongelakt metaal aan en is lastig op te ruimen. Binnenshuis zou ik hem daarom alleen kiezen waar schuim niet past, bijvoorbeeld in de schuur of de garage. Keer een poederblusser af en toe om, zodat het poeder niet gaat klonteren.

Welk middel je waar neerlegt

De Brandweer geeft geen vaste plattegrond, dus het volgende is een praktische vertaling van haar advies naar de ruimtes in een gewoon huis. Het uitgangspunt is steeds hetzelfde. Hang het middel zo dat je het pakt op weg naar de uitgang, niet zo dat je eerst langs het vuur moet.

  • Keuken. Een blusdeken van de juiste maat aan de wand, een stukje van het fornuis af en richting de deur. Bedoeld voor een brandje naast het fornuis of brandende kleding, niet voor de pan. Leg daarnaast een passend deksel binnen handbereik voor een vlam in de pan.
  • Gang of overloop. Een schuimblusser van 6 liter op een centrale plek, het liefst bij de trap. Vanaf daar ben je snel in de woonkamer en de slaapkamers, en sta je meteen op je vluchtroute.
  • Meterkast of werkplek met elektronica. Een kooldioxideblusser in de buurt, of een schuimblusser die volgens het etiket geschikt is voor elektrische apparatuur.
  • Garage, schuur of camper. Een poederblusser, eventueel een kleine in de auto.

Laad je een e-bike of een powerstation op, kies dan een ruimte met een werkende rookmelder. De Brandweer waarschuwt dat de rook van een brandende lithium-ion batterij zeer giftig is, en dat je een opgezwollen of rokende batterij niet zelf moet blussen maar direct 112 belt. Wie een powerstation voor stroomuitval in huis heeft, doet er goed aan daar even bij stil te staan.

Zo gebruik je een blusser, en zo houd je hem bruikbaar

De blusregels van de Brandweer zijn kort. Kom zo dicht mogelijk bij de brandhaard en spuit met korte stoten. Lukt het niet binnen een paar stoten, ga dan weg, doe de deur achter je dicht en bel 112. Wat je dan nog meeneemt, lees je in ons stuk over bij brand midden in de nacht je huis uit.

Een blusser is niet iets wat je koopt en vergeet. De Brandweer adviseert eens per twee jaar een controle, minimaal om de vijf jaar, en een revisie ongeveer iedere tien jaar. Na twintig jaar moet hij volledig vervangen worden, en een oude blusser lever je in als chemisch afval. Heb je hem een keer gebruikt, laat hem dan opnieuw vullen of koop een nieuwe.

Waar je ze koopt en waar je op let

Blusdekens en brandblussers liggen in de bouwmarkt, bij elektronicazaken en bij bedrijven die brandbeveiliging verkopen en onderhouden. Kijk bij een blusser altijd naar het etiket. Alle draagbare blussers tot 20 kilo die in Nederland verkocht worden, moeten een Rijkstypekeur hebben, een ellips met daarin dat keurmerk. Zie je die niet, laat hem dan liggen.

Dit is wat je voor een gewoon huis nodig hebt.

  • een blusdeken van 1,80 bij 1,80 meter met de norm NEN-EN 1869, voor de keuken;
  • een schuimblusser van 6 liter met Rijkstypekeur, voor gang of overloop;
  • een kooldioxideblusser als je veel elektronica op één plek hebt;
  • een poederblusser voor garage, schuur, auto of caravan;
  • een passend deksel bij elke pan waarin je frituurt of bakt;
  • werkende rookmelders, want blussen begint bij het op tijd merken.

Zet daarna in je agenda wanneer de blusser weer gecontroleerd moet worden. Dat kan mooi samen met het halfjaarlijkse moment waarop je ook je noodpakket naloopt. Een blusser die er al vijftien jaar onaangeroerd hangt, geeft vooral een gerust gevoel, en dat is nog niet hetzelfde als een middel dat het doet.