Zijn er nog schuilkelders in Nederland? Wat je moet weten als het misgaat
In het kort
In Beverwijk vroeg het Noordhollands Dagblad inwoners wat ze in huis hebben voor als de nood aan de man is, en stelde daarbij een vraag die meer mensen bezighoudt. Hoe zit het eigenlijk met schuilkelders? Het is ook een vraag die op de bewonersavonden in Beverwijk goed op tafel past.
Inhoudsopgave

Het korte antwoord is dat Nederland op dit moment geen werkende openbare schuilkelders heeft. Het langere antwoord is interessanter, want het laat zien waarom het advies van de overheid vooral over je eigen huis gaat, en waarom schuilen iets anders is dan binnen blijven.
Wat er over is van de schuilkelders
Tijdens de Koude Oorlog bouwde Nederland honderden bunkers en schuilplekken, tot en met metrostations met stalen deuren en luchtfilters. Na de afschaffing van de Wet Burgerbescherming in 1986 gingen de meeste in eigendom over van het Rijk naar de gemeenten, en die werden daarmee ook verantwoordelijk voor het onderhoud. Dat schrijft Binnenlands Bestuur, dat alle 342 gemeenten een vragenlijst stuurde.
Van de 190 gemeenten die antwoordden, zeiden er 74 dat ze bunkers uit die tijd hebben. Slechts 35 hadden er een actueel overzicht van, en dertien hadden beleid of een plan voor onderhoud. Een vergelijking met archiefgegevens liet bovendien zien dat minstens een derde van de gemeenten die zeiden geen bunkers te hebben, ze in werkelijkheid wel heeft. De conclusie van het blad is dat er waarschijnlijk geen enkele bunker of schuilkelder in Nederland is die je nu kunt gebruiken om te schuilen. Volgens de NOS had Nederland in 1990 nog een kleine 200 werkende schuilkelders.
Wat de overheid nu van plan is
In mei 2025 maakte het kabinet bekend dat gemeenten weer schuilplekken moeten gaan zoeken. Minister Van Weel van Justitie en Veiligheid dacht daarbij vooral aan boven- en ondergrondse parkeergarages, omdat die stevig zijn gebouwd. “In de Koude Oorlog hadden we die ondergrondse garages nog niet, nu heel vaak wel”, zei hij tegen de NOS. TNO kreeg de opdracht om bouwtechnische eisen op te stellen, ook voor schuilen bij een overstroming.
Volgens Gemeente.nu werkt het kabinet daarnaast aan een landelijk kader voor schuilen en evacueren, na een motie van de Tweede Kamer om voor eind 2026 een nationaal schuilruimteplan op te stellen. Dat kader moet burgemeesters en veiligheidsregio’s helpen kiezen tussen schuilen en evacueren, en wordt naar verwachting eind 2026 vastgesteld. TNO onderzoekt ook welke manieren van schuilen de grootste overlevingskans geven bij een militaire aanval.
Haal daarbij twee dingen niet door elkaar. De noodsteunpunten die het kabinet in buurten wil inrichten, zijn geen schuilkelders. Ze zijn bedoeld als plek voor informatie en hulp als gewone voorzieningen uitvallen, bijvoorbeeld bij een lange stroom- of internetstoring. Veiligheidsregio’s en gemeenten proberen dat eerst uit in pilots.
Schuilen is iets anders dan binnen blijven
Bij de meeste noodsituaties die je in Nederland kunt verwachten, is het advies niet schuilen maar binnen blijven. Bij een brand met veel rook of een lek van een gevaarlijke stof krijg je een NL-Alert met de opdracht om naar binnen te gaan, ramen en deuren te sluiten en de ventilatie uit te zetten. Wat dat in je eigen huis betekent, lees je in ons stuk over wat ga naar binnen precies vraagt. Daar gaat het om de lucht buiten houden.
Schuilen bij een aanval vraagt iets anders. Dan gaat het om bescherming tegen rondvliegend glas en drukverschillen, en hoor je het luchtalarm naast een NL-Alert. De pagina over internationale spanningen van Denk vooruit geeft daarvoor een duidelijke volgorde.
- Het veiligst is een ruimte onder de grond of in het midden van een stevig gebouw, zoals een kelderbox of een ondergrondse parkeergarage onder je woning.
- Schuil je boven de grond, blijf dan weg van ramen, bijvoorbeeld in het toilet, een trapkast of een kelderkast.
- Kan het alleen in een ruimte met ramen, sluit dan de gordijnen en zoek dekking achter iets stevigs zoals een keukenblok of bank, of onder een tafel.
- Ben je buiten, ga dan een stevig openbaar gebouw in, zoals een winkel of kantoor. Lukt dat niet, dan is een greppel beter dan een auto, want een voertuig beschermt niet genoeg.
- Ga zo dicht mogelijk bij de grond liggen, bescherm je hoofd en borst met je armen en gebruik dekens of jassen als die er zijn. Houd je mond open, dat beschermt tegen de drukverschillen.
Denk vooruit vraagt ook om geen deuren op slot te doen, zodat anderen dezelfde plek kunnen gebruiken.
Kies je plek voordat je hem nodig hebt
Het nuttigste advies op die pagina is misschien het minst spectaculaire. Bedenk van tevoren waar je kunt schuilen, op plekken waar je vaak bent, zoals thuis, op je werk of op school. Loop daarvoor een keer door je eigen huis en zoek de ruimte zonder ramen die het verst van de buitenmuren ligt. In veel huizen is dat het toilet, de trapkast of een berging in het midden van een flat. Spreek met je huisgenoten af welke plek dat is, zodat niemand hoeft na te denken als het ooit zover komt. Hoe je dat met kinderen bespreekt zonder ze bang te maken, staat in ons stuk over kinderen in je noodplan.
De kans dat je die plek ooit voor een aanval nodig hebt, is klein, en de overheid zegt zelf dat voorbereiden vooral een veilig en zeker gevoel kan geven. Dat is ook de reden om het nu te doen, op een gewone maandag, in plaats van op het moment dat er een sirene gaat. Voor actuele informatie verwijst Denk vooruit naar rijksoverheid.nl, de website van je veiligheidsregio en de regionale omroep op radio en tv.